Zoeken in deze blog

zondag 15 april 2018

Even weg

... dus even geen recensies.
Wel na het lopen de tijd genomen om Homo deus van Yuval Harari te lezen.

Maar er liggen enkele bijzondere prentenboeken te wachten op bespreking en ik ben weer terug.
Binnenkort tekst.

dinsdag 13 maart 2018

Vakantieboekenplan 2018

Een persberichtje:

'Ook dit jaar biedt Stichting Lezen met steun van Stichting Kinderpostzegels Nederland het project Vakantielezen aan.

Scholen in krimp- en anticipeergebieden die niet eerder deelnamen aan het project kunnen zich via hun bibliotheek inschrijven. De eerste 100 scholen die worden aangemeld ontvangen voor alle kinderen die naar groep 4 en 5 gaan vóór juni - kosteloos - een aantrekkelijk vakantieleestasje.

Daarnaast organiseert de bibliotheek in juni samen met de school een feestelijke aftrapbijeenkomst gevolgd door zomerleesactiviteiten in juli/augustus in de bibliotheek.' (Mijn links.)

Het is kennelijk een succes, deze nieuwe invulling van een aloude vorm van leesbevordering. Zie over lezen in de vakantie ook mijn bericht op 19 juni 2017.
Ik zat nog wel met de vraag wat precies 'krimp- en anticipeergebieden' zijn. Het antwoord vond ik hier.
Vermoedelijk is er een potje voor deze gebieden waaruit voor dit project wordt geput, want anders zou ik niet kunnen verklaren waarom leerlingen in gebieden waarin de bevolking niet afneemt niet zouden mogen deelnemen aan Vakantielezen.


vrijdag 9 maart 2018

Leesbevordering en politiek

In de Nederlandse en Vlaamse pogingen om kinderen aan het lezen te krijgen en te houden blijft men er voorlopig ver van, maar de oosterburen zijn zo ongerust geworden over alle ongemanierde onzin die er in de 'sociale media' over en weer wordt gestuurd dat vier grote leesbevorderingsinstellingen een oproep hebben gedaan, een 'gemeinsamer Appell'.

Het zijn de Arbeitskreis für Jugendliteratur (AKJ), de Arbeitsgemeinschaft von Jugendbuchverlagen (avj), het Börsenverein des Deutschen Buchhandels en de Stiftung Lesen.
Ze doen hun oproep in het kader van, ik citeer: het 'Trendberichts Kinder- und Jugendbuch 2018 im Vorfeld der Leipziger Buchmesse'. Dat heeft er mee te maken dat op 16 maart tijdens de Leipziger Buchmesse een podiumdiscussie plaatsvindt over dit onderwerp. 'Kommen Sie vorbei am 16. März im Forum Politik und Medienbildung, Halle 2, D 310.' Onderwerp: 'Meine Meinung zählt: Junge Menschen mit Büchern für Politik begeistern'.
Begeistern nog wel... dat is nog een stapje verder dan bewustwording of interesse.

Hieronder het appel:


Appell | Demokratie braucht Nachwuchs: Junge Menschen mit Büchern für Politik begeistern
„Aktuelle gesellschaftliche Veränderungen stellen uns vor die Herausforderung, Kindern und Jugendlichen die Regeln einer fairen Auseinandersetzung und politischen Denkens zu vermitteln. Mehr denn je braucht unsere Gesellschaft jetzt und in Zukunft mündige und kritische Bürgerinnen und Bürger, die politische Themen einordnen und Demokratie mitgestalten können.
Kinder- und Jugendliteratur kann das Interesse an politischen Themen wecken. Sie bietet Erfahrungsräume, ermöglicht, sich gesellschaftlichen Themen aus unterschiedlichen Perspektiven anzunähern, fördert Empathievermögen sowie kritisches Urteilen. Sie setzt sich differenziert mit dem gesellschaftlichen Umfeld auseinander, macht Unterschiede und Veränderungen altersgerecht erfahrbar.
Bei unseren Leseförderprojekten verzeichnen wir ein zunehmendes Interesse junger Menschen für politische Zusammenhänge. Kinder und Jugendliche sind neugierig, hinterfragen und möchten sich selbst aktiv einbringen – politisches Potential, auf das eine Gesellschaft nicht verzichten kann. Der frühe Umgang mit vielfältigen Geschichten, die ihre jungen Leserinnen und Leser ernst nehmen, schafft die Grundlagen für ein respektvolles Miteinander, auch in kontroversen Debatten.
Romane oder Sachbücher müssen jedoch nicht nur gelesen, sondern auch diskutiert werden. Neben vielstimmigen und hochwertigen Texten brauchen junge Menschen qualifizierte schulische und außerschulische Partner, die sie bestärken und zum Mitgestalten anregen. Eltern, Erzieher und Lehrkräfte müssen die notwendige Unterstützung erfahren, Kinder und Jugendliche an Politik heranzuführen, für gesellschaftliche Themen zu begeistern, zum kritischen Denken zu ermuntern sowie neue Konzepte der Teilhabe zu erproben. Verlage müssen sich mit analogen und digitalen Publikationen ihrer Verpflichtung stellen: Es ist ihre Aufgabe, gemeinsam mit Autoren und Illustratoren, Konzepte zu entwickeln, die unterschiedlichen Altersgruppen das notwendige Rüstzeug an die Hand geben. Gleichzeitig übernehmen Buchhandlungen mit ihrem Sortiment, mit ihrer fachkundigen Beratung und ihren Veranstaltungen eine entscheidende Rolle als Mittler. Im Buchhandel, wie auch in Bibliotheken, Literaturhäusern und anderen Kultureinrichtungen können Kinder und Jugendliche politische Bücher entdecken und auf gesellschaftliche Themen aufmerksam gemacht werden.“

Benieuwd wanneer de Stichtingen Lezen van Nederland en Vlaanderen en aanpalende organisaties met zo'n oproep komen. Mag wel iets lichter dan deze loodzware tekst, lijkt me.
Vooralsnog gooien zij het vooral op persoonlijke ontwikkeling: lezen is goed voor je. Of, om het programma voor Lezen Centraal (11 april, Leeuwarden) te citeren: lezen 'kan verruimen en verrijken'.



donderdag 8 maart 2018

Het begrijpen van teksten

Soms, heel af en toe, stuit ik op een mooi citaat in een tekst die niet als mooi is bedoeld.
Zoals dit, in een artikel door Marieken Pronk-van Eunen en Bert de Vos, in Levende Talen Magazine 2018-2, over 'Lezen met de leessandwich, een kansrijke didactiek bij Nederlands en mvt', p. 10-14.

Begrijpend lezen gaat namelijk over het begrijpen van teksten. 

Ter verklaring: mvt is moderne vreemde talen. Het artikel behelst de zoveelste poging om het onderwijs in de taal Nederlands wat levendiger en daardoor effectiever te maken. Kort samengevat: doe meer dan leerlingen alleen een tekst voorleggen en daarna wat vragen. Vrijwel al die pogingen zijn lovenswaardig, zo ook deze. Of het echt een wereldschokkende verbetering is, dat betwijfel ik, maar ik ga er hier niet op in. Wie er meer over wil weten, raadplege Lezen met de leessandwich van beide auteurs.

Om het lapidaire citaat meer tot zijn recht te doen komen, hier het vervolg:

En dat gaat altijd in de eerste plaats over de ínhoud van de tekst. Dat is de kern van lezen: je bent nieuwsgierig naar informatie, je wilt je mening toetsen of je wilt weten hoe iemand anders ergens over denkt. Dan ga je lezen en zo verbreed je je horizon.
Tijdens lessen Nederlands en moderne vreemde talen (mvt) heeft begrijpend lezen echter vaak een andere inhoud gekregen. Het is verschoven van 'begrijpen wat er staat' naar 'vragen beantwoorden'. En deze toetsvorm is de onderwijsvorm geworden. Zo worden leerlingen bij veel van deze lessen getoetst op het beheersen van leesstrategieën, hun kennis over de opbouw van de tekst, hun kennis over woorden en hun inzicht in alíneaverbanden en verwijs- en signaalwoorden . En zo worden deze lessen zowel voor de docent als de leerlingen vaak erg saai. (p. 11)

Dat haalt je de koekoek.
Het lijkt hier overigens te gaan om documentaire teksten, niet om fictie. Maar dat maakt voor de essentie van hun artikel niet veel uit.
Ze vergeten overigens nog dat bij het geschetste 'vragen beantwoorden' de leerlingen vooral ook getoetst worden op hun vaardigheid om zulke vragen te kunnen beantwoorden. Die vergt een aparte kennis: weet wat de docent wil horen...

Voor een echt goede docent moet dit artikel een open deur zijn.

Niet alleen de lessen Nederlands in het primaire en secundaire onderwijs hebben de naam saai te zijn, ook de studie van Nederlandse taal- en letterkunde lijdt daar kennelijk onder. Zie de oproep van de opleidingen Nederlandse Taal en Cultuur van de Radboud Universiteit Nijmegen, Rijksuniversiteit Groningen, Universiteit Leiden, Universiteit van Amsterdam en Universiteit Utrecht om ambassadeurs te werven:

'Helpt u ook mee om te laten zien hoe leuk en interessant het vakgebied Nederlands is? Nodig dan de beste ambassadeurs uit, namelijk studenten die hun eigen ervaringen kunnen delen. Zij komen graag tijdens uw les een korte voorlichting (20 tot 25 minuten) geven over de studie Nederlandse Taal en Cultuur. Interesse? U kunt zich aanmelden via het aanvraagformulier op deze site. We nemen dan zo spoedig mogelijk contact met u op.'

Zo'n oproep doe je alleen in nood, lijkt me...





dinsdag 6 maart 2018

Edward van de Vendel

is onderwerp van aflevering 104 (winter 2017) van Literatuur zonder leeftijd.

Niet voor het eerst kiest de redactie een alom gewaardeerd auteur om in een hele aflevering in het zonnetje te zetten. Recentelijk waren dat Harrie GeelenImme DrosBart Moeyaert, Jacques Vriens en Ted van Lieshout. Nu dus Edward van de Vendel.


(Foto Jota Chabel.)

Soms is er een aanleiding voor zo'n feestnummer, zoals bij dat over Jacques Vriens (40 jaar schrijverschap) of Ted van Lieshout (werd 60 jaar), soms niet, zoals nu. Hoewel: misschien begon de redactie in 2016 met plannen voor dit nummer, 30 jaar na Betrap me, het debuut van Edward van de Vendel.

Hoewel LZL in principe een academische statuur nastreeft, en daarmee heel wat jonge onderzoekers de kans biedt om te publiceren, komen er in zo'n overzichtsaflevering zoveel lovende woorden voorbij dat het bijna hagiografisch wordt. Ik gebruikte niet voor niets hierboven de uitdrukkingen 'in het zonnetje zetten' en 'feestnummer'.
Mogelijk zou dat wat minder worden als de redactie verder de geschiedenis induikt, anderzijds vermindert dat natuurlijk de actualiteit.

Hoe het ook zij, het is weer een volle aflevering. Na het redactioneel gaan er direct 35 pagina's heen met twee lange bijdragen van Thomas de Veen en Annette de Bruijn, resp. 'Edward van de Vendel over leven en werk' en zijn 'poëzie tussen beeld en geluid'.

Wie Edward van de Vendel weleens gedichten heeft horen voordragen, weet dat klank, ritme en toon een belangrijke rol spelen. Dat is ook niet vreemd gezien het feit dat hij vanuit het schrijven van liedteksten bij de poëzie terechtkwam.

Aldus Annette de Bruijn. Met dat 'geluid' bedoelt ze niet muziek, maar klank op zich, de klank van zijn poëzie. Ze lijkt te suggereren dat liedteksten geen poëzie zijn.

Dan is er op p. 46-47 ruimte voor een gedicht van Edward van de Vendel, waarna nog meer bijdragen volgen.

Waaronder:
- Michel De Dobbeleer over de drie bundels 'stripgedichten' (idee: Kidsweek) van Edward van de Vendel en Floor de Goede
- Kyra Fastenau over Dagen van de bluegrassliefde, Ons derde lichaam en Oliver en dan specifiek 'het contrast tussen private en publieke ruimte, tussen stad en natuur'
- Vanessa Joosen over 'griezelmeisjes in de sprookjesbewerkingen van Edward van de Vendel en Isabelle Vandenabeele
- Jan van Coillie over Edward van de Vendel als vertaler

en dan hebben we het wetenschappelijk deel wel zo ongeveer gehad, met de kanttekening dat Thomas de Veen de auteur interviewde en dat alleszins lezenswaardig interview is allerminst wetenschappelijk.
Die andere vijf zijn dat wel en redelijk uitgebreid. Ze vergen wat welwillende aandacht en leesbereidheid, ook omdat de conclusies niet wereldschokkend zijn.
Ik citeer Fastenau:

Van de Vendel gebruikt het contrast tussen natuur en stad en ook enkele stereotypen (voetbal, Eurovisie) om zijn verhaal en personages een bepaalde richting uit te duwen. Ze roepen vragen op bij de lezer over de rol die de omgeving speelt bij het vormen van je identiteit. Is het leven maakbaar? Kun je jezelf buiten de maatschappij plaatsen? In hoeverre kun je veranderen, in hoeverre kun je verandering tegenhouden?
Ik sloot de boeken Ons derde lichaam en Oliver met meer vragen dan antwoorden. En dat vind ik een fijne leeservaring. Het toont voor mij aan dat de auteur heeft begrepen dat mensen complexe wezens zijn. En dat hij zijn lezer over die complexe wezens wil laten nadenken.

Tja. Waarempel.
En is dit nu het slot van een wetenschappelijke analyse of van een recensie?

Maar niet getreurd want natuurlijk weet je na het lezen van al die stukken méér over het werk van Edward van de Vendel dan daarvóór.

Toch is het leuker om bijvoorbeeld de 'brief aan Edward, persoonlijk' van Jacques Dohmen te lezen. Met een passage die waarschijnlijk heel veel zegt over de auteur Edward van de Vendel:

Ik zit opeens in mezelf te grinniken. Want je bent daarnaast natuurlijk ook een geweldige lastpost, dat weet je ook wel. Iedereen gaat het liefst lekker door op bekende paden, op de automatische piloot, ook jouw uitgevers, zeker in deze woelige tijden: 'een beetje van dit, een beetje van dat, niet te veel zus en vooral niet te veel zo, dan lopen we minder risico.' En dan kom jij zachtaardig en beminnelijk als altijd op de uitgeverij en zegt zachtjes: 'Maar ik ehh, ik wil wel natuurlijk... ik bedoel, als het kan hoor... Zus. En... ehhh ja dat kan écht niet zonder Zo!' En als het dan even stil blijft zeg je: 'Eigenlijk het liefst met véél Zo.' En dan blijkt dat innemende hoofd van jou een keiharde schedel te hebben. Goedschiks of kwaadschiks, het komt er: een zusboek met veel zo. Gesigneerd Edward van de Vendel. Binnenkort in de boekhandel.

Zo dus. En wat valt het te prijzen dat de redactie van LZL ruimte maakt voor zulke niet per se wetenschappelijke bijdragen. Van ex-uitgeverijredacteur Dohmen, maar ook van vertalers Rolf Erdorf en David Colmer, en anderen.

Literatuur zonder leeftijd is in weerwil van zijn naam een tijdschrift-in-boekvorm over jeugdliteratuur, met drie afleveringen per jaar. Het wordt uitgegeven door IBBY Nederland, de Nederlandse sectie van de International Board on Books for Young people. Een abonnement kostte in 2017 € 34,50 per jaar voor particulieren, € 24,50 als die particulieren een studentenkaart kunnen tonen en € 47,50 voor instellingen.




LZL, Literatuur zonder leeftijd winter 2017, ISBN 978 94 6167 341 1, 180 p.





maandag 26 februari 2018

Soepzootje

Was ik net Sapiens van Yuval Harari aan het lezen (recensies o.a. hier en hier, dat laatste meer interview), belandt Het hele soepzootje van Floor Bal & Sebastiaan Van Doninck op mijn tafel. Ondertitel: Het ontstaan van het heelal, de aarde, de mensen en de rest.

Samenvatting van Harari? Van Bryson (A short history of nearly everything)? Variant op Het raadsel van alles wat leeft van Jan Paul Schutte?
Oppervlakkig gezien zou je dat bijna denken, al laten Yuval Harari en Jan Paul Schutte het ontstaan van het heelal zo goed als buiten beschouwing.

Het prentenboek hinkt in enorme stappen (32 pagina's) door de geschiedenis en is een treffend voorbeeld van wat Yuval Harari een mythe zou noemen. 10 pagina's gaan over de geschiedenis van de mens.
Deze 32 pagina's geschiedenis als mythe kenschetsen is niet zo gek, want niet alleen worden hypothesen, hoogstwaarschijnlijke veronderstellingen, hier als waarheid gepresenteerd, maar de verteller ziet er ook een soort ratio achter, getuige de in varianten steeds terugkerende frase: 'Het is tijd dat...': ... 'het heelal zich vult', ... 'hier iets gaat groeien', ... 'dat het hier drukker wordt'', ... 'dat ze daar gaan lopen', ... 'voor iets heel anders' (de mensen).
Wie vond dat het tijd was? De verteller, kennelijk.

Wat er ontstond noemt de verteller herhaaldelijk 'het hele soepzootje', wat me doet vermoeden dat het idee voor dit boek eigenlijk begon met de titel.
Maar het 'soepzootje' is kennelijk toch niet zo'n zootje als het woord suggereert. En mensen blijken, anders dan Harari en met hem vrijwel alle wetenschappers vinden, geen dieren.
Naakte apen die goed kunnen denken en praten zijn kennelijk geen dieren.
'Juffrouw Laps, je bent 'n zoogdier', aldus Stoffel tijdens ''n gewichtig oogenblik aangebroken in 't avendje van juffrouw Pieterse' (Multatuli, Ideeën 1). Zelfs Stoffel wist dus al beter, maar zoals Multatuli fraai beschreef was juffrouw Laps er bepaald niet blij mee.
Om reacties als die van de fictieve juffrouw Laps te voorkomen, laat de verteller van Het hele soepzooitje de naakte apen ook maar promoveren tot mens.




Het boek is opgedragen aan 'David en Ella'. 'Want kinderverhalen beginnen met kindervragen.'
En de makers dachten kennelijk dat kinderverhalen een soort rode lijn moeten hebben en dat het ondragelijk zou zijn om 'het hele soepzootje' te beschrijven als een reeks toevalligheden of desnoods als 'een schitterend ongeluk'. Het eindigt niet voor niets ongeveer met de eerste maanlanding.



Hoe het ook zij, wie deze hebbelijkheden van de verteller voor lief neemt, houdt een vermakelijk  en fraai geïllustreerd prentenboek over.
Dan is het aan de voorlezer om met zijn of haar jonge luisteraars te praten over de kwestie die juffrouw Laps zo in verwarring bracht, en over de diepere zin van dit soepzootje.



Bal, Floor, & Sebastiaan Van Doninck. Het hele soepzootje; het ontstaan van het heelal, de aarde, de mensen en de rest. Gottmer, 2018, ISBN 978 90 257 6800 3, 36 p.




vrijdag 23 februari 2018

Willem Wilminkprijs

Bij mij leeft het hardnekkige idee dat goede poëzie gezongen kan worden. Ik vind dan ook dat de Willem Wilminkprijs veel aandacht verdient. Dus als me een aankondiging bereikt van nominaties, neem ik dat graag over:

'Nominaties Willem Wilminkprijs 2018:

Kilo pond en ons van Katinka Polderman, gezongen door Kenny B. (mijn link)
Snap je? Pi van Kees Torn gezongen door Eefje de Visser
Schiphol van Jurrian van Dongen (tekst) en Peter van de Witte (muziek) gezongen door Meral Polat
Tekening van Claudia Nieuwenhuizen en Rick Piepers gezongen door Naomi Inez Wielinga
Altijd ietsie van Floortje Schoevaart (tekst) en Henny Vrienten (muziek) gezongen door Lot Lohr en Frank Groothuis
Waterwerken van Ruben van Gogh (tekst) en Bob Zimmerman (muziek).

De liedjes 1 en 2 zijn onderdeel van de SchoolTV serie ‘Snap je’ en ingestuurd door NTR
Nieuwe Medio.
Liedje 3 is ingezonden door NTR Jeugd
Liedje 4 is ingezonden door ‘De Liedjestovenaar’; zij maken vooral teksten/muziek voor
jonge kinderen
Liedje 5 is komt van de CD ‘Duizend dromen’ van Sesamstraat
Liedje 6 is onderdeel van het programma ‘Liedjes – het – grote – zaal – concert’ van het
Concertgebouw.'

Waarvan akte, tenslotte worden deze nominaties niet, zoals die van de Woutertje Pieterse Prijs, in een radio-uitzending van NPO1 bekendgemaakt.
Nog wat toelichting, ook op de webste van de prijs te vinden:
'De prijs bestaat uit een kunstwerk, vervaardigd door de kunstenaar Helga Kock am Brink en een geldbedrag van € 5000,--. Hiervan is € 3000,-- voor de tekstschrijver, componist en uitvoerend artiest ontvangen elk € 1000,--. Alle oorspronkelijk in het Nederlands geschreven kinderliedjes die niet ouder zijn dan twee jaar kunnen meedingen naar de onderscheiding. Ze moeten in dus in de periode 2016-2017 voor het eerst zijn uitgekomen op Cd of dvd of voor het eerst ten gehore zijn gebracht in het theater of op tv. Ook jonge aankomende tekstschrijvers en componisten worden uitgenodigd hun liedjes in te zenden, al is hun lied mogelijk nog niet officieel verschenen.
Deelnemers kunnen hun inzendingen sturen naar Wilminktheater, t.a.v. Trudie Lucardie, Wenninkgaarde 40-42, 7511 PH Enschede. Kijk voor de voorwaarden op www.willemwilmink.nu Een vakjury, bestaande uit Thijs Borsten, Jan Beuving, Annemarie Wenzel, Fay Lovsky en Trudie Lucardie beoordeelt de inzendingen.
De Willem Wilminkprijs is een initiatief van het Wilminktheater Enschede en wordt mede mogelijk gemaakt door Buma Cultuur.'


zaterdag 3 februari 2018

Presentaties onderzoek jeugdliteratuur

Een van de aardigste activiteiten van IBBY Nederland is de jaarlijkse studiemiddag waar onderzoekers een presentatie kunnen geven van hun werk. Vaak wordt die middag gecombineerd met een andere activiteit, bijvoorbeeld een prijsuitreiking.
Aangezien zulke evenementen zelden de reguliere pers bereiken, neem ik het betreffende persbericht hier over:

IBBY-Nederland nodigt haar vrienden en andere geïnteresseerden uit voor een studiemiddag en de feestelijke uitreiking van de Miep Diekmann Thesis prijs 2018 (en de eervolle vermelding) in de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag.

Programma
Vanaf 13.00 uur is de zaal open.
13.30 uur: Woord van welkom door Helma van Lierop-Debrauwer, voorzitter van IBBY-Nederland.
13.40 uur: Aart G. Broek: Wie is die Diekmann die zo brutaal is om over Antilliaanse kinderen te schrijven?
14.15 uur: Petra Molenaar: De literaire belangstelling voor en de perceptie van jeugdliteratuur bij eerstejaars PABO-studenten (referent Toin Duijx)
14.50 uur: Kelly Hübben: Beestenboel: dieren in de Gouden Boekjes (referent Helma van Lierop-Debrauwer)
15.25 uur: korte theepauze
15.50 uur: Voorlezen van juryrapport Miep Diekmann thesis prijs
16.00 uur: Uitreiking van de Miep Diekmann Thesis prijs 2018 en de eervolle vermelding
16.15 uur: Selma Noort: Miep Diekmann, de coach. Miep Diekmann, mijn coach?
16.30 uur: Dolf Verroen: Verbazingwekkend
16.45 uur: Afsluiting door Helma van Lierop-Debrauwer. Aansluitend een drankje en een hapje in de zaal.

Sprekers
·         Aart G. Broek: Over Mieps jeugdjaren op het eiland Curaçao, de verbinding van die jaren met haar werk en werkzaamheden, de uitbouw door nieuwe ervaringen met eilandelijke samenlevingen, bewoners en schrijvers.
·         Petra Molenaar: De studie maakt onderdeel uit van een promotieonderzoek naar de groei in literaire competentie bij eerstejaars pabostudenten. Deze lezing wil het lezen van de pabostudenten en hun ideeën over jeugdliteratuur in beeld brengen
·         Kelly Hübben: In haar lezing wordt de betekenis van de talloze dieren die de Gouden Boekjes bevolken vanuit een breder cultureel perspectief besproken.

[...]
Aanmelding
Dankzij de gastvrijheid van de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag is de middag voor Vrienden-van-IBBY (die dus hun donatie voldaan hebben) en studenten van de master Jeugdliteratuur gratis toegankelijk. Aan overige deelnemers wordt een deelnemersbijdrage van tien euro gevraagd. Je kunt echter bij aanmelding ook aangeven Vriend-van IBBY te worden.
Aangezien er een beperkt aantal mensen in de zaal kan, dient men zich van tevoren aan te melden voor de middag via een mail aan IBBY-Nederland@planet.nl.
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------


Voor wie de International Board on Books for Young people (IBBY) niet kent: zie hier.
Over de Miep Diekmann thesis prijs 2018 berichtte ik al eerder.

maandag 29 januari 2018

Suf imago

Alweer zo'n somber stemmend persbericht van de stichting die toch al jaren bezig is in Nederland het lezen te bevorderen, en veel pogingen van anderen daartoe te ondersteunen.
Nu heeft het de titel VMBO-DOCENTEN ERVAREN HARDNEKKIGE DREMPELS BIJ LEESBEVORDERING
en dat is natuurlijk niet echt nieuws, meer een déjà vu.

Het is nu echter weer eens gestut met een onderzoek, Lezen in het vmbo: een stand van zaken, zodat we weer even zeker weten dat lezen voor veel vmbo-leerlingen niet favoriet is.

Ik citeer:

'Lezen staat onder druk. Vooral jongeren lezen minder. Dat is zorgelijk, want regelmatig lezen draagt bij aan de lees- en taalvaardigheid. Wie goed kan lezen heeft meer succes op school en betere mogelijkheden in de maatschappij. De grootste zorg ligt bij de leerlingen van de basis- en kaderberoepsgerichte leerweg in het vmbo: 62% van de 15-jarigen in vmbo-basis en 35% in vmbo-kader is laaggeletterd.
Stichting Lezen heeft daarom onderzoek laten doen naar de stand van zaken van het leesonderwijs in het vmbo. Bijna 400 docenten spreken zich daarin uit over de leesbevordering op hun school. Ze kregen vragen voorgelegd over zowel het leesbevorderingsbeleid op school als over hun inspanningen voor de klas. Hoewel veel docenten met enthousiasme werken aan leesbevordering, constateren zij enkele hardnekkige drempels. Zo heeft lezen volgens 64% van de docenten een ‘suf’ imago onder leerlingen, is het leesniveau vaak te laag (41%) en is er te weinig tijd (44%) in het lesprogramma om voldoende aan lezen te doen.

De onderzoeksresultaten zijn voor Stichting Lezen aanleiding om met docenten in gesprek te gaan om het tij te keren.'

Dat gebeurde o.a. tijdens een studiedag 'Lezen=maatwerk', die vrijdag 26 januari werd gehouden in Utrecht. (De aankondiging zal binnenkort wel worden vervangen door een verslag, neem ik aan.)


zondag 28 januari 2018

Het koffertje!

Er is op het gebied van de leesbevordering (= vechten tegen de bierkaai?) toch minstens één succes te vermelden: het boekstartkoffertje.




Ik citeer (ja, sorry, alweer een persbericht, deze keer d.d. 24-1):

'Het afgelopen jaar zijn er meer dan 60.000 koffertjes met 120.000 babyboekjes door ouders in de Bibliotheek opgehaald. Dit komt neer op 35% van alle Nederlandse ouders met een pasgeboren baby. Ten opzichte van vijf jaar geleden is dat een toename van 50%.  

Het succes van BoekStart wordt onderstreept door een recente evaluatie van Kantar Public, uitgevoerd in opdracht van Kunst van Lezen. Nagenoeg alle ouders die het koffertje ophalen, zijn hier tevreden over. De babyboekjes uit het koffertje worden daarnaast veelvuldig gebruikt. Vooral ouders met een lage sociaaleconomische status geven aan dat hun kijk op voorlezen door BoekStart is veranderd. 

Bekendheid van het BoekStartkoffertje
Uit de evaluatie van Kantar Public blijkt dat 61% van alle Nederlandse ouders bekend is met het BoekStartkoffertje. Onder ouders met een lage sociaaleconomische status (SES) ligt de bekendheid iets lager dan onder ouders met een gemiddelde of hoge SES, namelijk op 56%. Wanneer deze ouders bekend zijn met het koffertje, halen zij dit echter bijna net zo vaak op als de overige ouders, namelijk in 7 van de 10 gevallen.

Waardering en gebruik van het BoekStartkoffertje
En wie het BoekStartkoffertje ophaalt, is hier nagenoeg altijd content mee: 98% van alle ouders die het koffertje heeft opgehaald, is er (zeer of volkomen) tevreden over. De boekjes uit het koffertje worden veelvuldig gebruikt: ouders lezen eruit voor (78%), geven ze aan hun kind (56%) en/of leggen ze ergens neer zodat hun kind ze zelf kan pakken (53%). 

Effecten van het BoekStartkoffertje
Bijna een kwart (22%) van de ouders geeft aan eerder te zijn begonnen met voorlezen door BoekStart. Die vroege start heeft een positief effect op hun kinderen. Eerder wetenschappelijk onderzoek laat zien dat  baby’s daardoor met 15 maanden oud een grotere woordenschat hebben opgebouwd. Wanneer het kind 22 maanden oud is, is het verschil zelfs nog groter. BoekStart zet dus, door ouders te stimuleren aandacht te besteden aan de leesopvoeding, een positieve leesspiraal in gang. BoekStart heeft ook een positieve invloed op het bibliotheekbezoek.
Vooral ouders met een lage sociaaleconomische status (SES) plukken de vruchten van BoekStart, zo blijkt uit het onderzoek van Kantar Public. Bijna twee derde (63%) van de ouders met een lage sociaaleconomische status geeft aan dat hun houding ten aanzien van voorlezen en/of hun voorleesgedrag door BoekStart is veranderd. Onder de ouders met een gemiddelde of hoge SES is dit effect minder maar nog steeds aanzienlijk: respectievelijk 49% en 41%.

BoekStart blijft de komende jaren inzetten op het vergroten van haar bekendheid en bereik, met name onder ouders met een lage SES. Dit doet zij onder andere door bibliotheekmedewerkers op te leiden tot ‘BoekStartcoach’ en door het aanbieden van een e-learning module taalstimulering aan jeugdartsen en verpleegkundigen.

Over BoekStart
BoekStart voor baby’s is een leesbevorderingsprogramma dat is ontwikkeld door Stichting Lezen en de Koninklijke Bibliotheek. Het programma is onderdeel van Kunst van Lezen en wordt gefinancierd door het ministerie van OCW. BoekStart heeft als doel om ouders te stimuleren om vroeg met voorlezen te beginnen. Een belangrijk onderdeel van het programma is het BoekStartkoffertje: ouders krijgen wanneer hun baby 3 maanden is een bon waarmee ze een koffertje met bij de Bibliotheek kunnen ophalen. Het koffertje bevat 2 babyboekjes en informatie over voorlezen en voorleestips. Ook kunnen zij hun kindje gratis lid van de bibliotheek maken. '

Het rapport is hier te downloaden.

zaterdag 27 januari 2018

Oproep tot intensivering leesbevorderingsbeleid

Nog een persbericht, d.d. 19 januari:

'
Geef leesbevordering een impuls
Jeugd moet weer gaan lezen
Jongeren en jongvolwassenen lezen steeds minder. Dat is voor Stichting Lezen aanleiding op te roepen om het leesbevorderingsbeleid voor deze doelgroepen in samenwerking met het onderwijs te intensiveren. Dat kan bijvoorbeeld door continuering van leesbevorderingsbeleid en intensivering van Tel mee met Taal, het actieprogramma om laaggeletterdheid te voorkomen en te bestrijden.
Nederlanders gaan minder lezen, en deze ontwikkeling doet zich met name voor onder de jonge generaties. Dit blijkt uit het rapport Lees:Tijd. Lezen in Nederland van het Sociaal Cultureel Planbureau, een verdiepend onderzoek naar de stand van het lezen in Nederland. Het onderzoek is mede mogelijk gemaakt door vijf landelijke partijen in het boekenvak, waaronder Stichting Lezen. 


Uit het onderzoek blijkt dat er minder jongeren (13-19 jaar) en jongvolwassenen (20-34 jaar) zijn die lezen dan oudere mensen. Het verschil tussen de generaties is de laatste tien jaar gegroeid. Terwijl er evenveel 65-plussers zijn die lezen, daalde het percentage lezers onder jongeren tussen 2006 en 2016 van 65% naar 40%, en onder jongvolwassenen van 87% naar 49%.

De jongeren en jongvolwassenen die lezen, besteden daar nagenoeg evenveel tijd aan als oudere generaties. De daling van de leestijd wordt dus voornamelijk veroorzaakt doordat er meer mensen zijn die helemaal niet lezen. Het SCP constateert dat deze ontwikkeling aanzet tot actie. “Op basis van de resultaten van deze studie zou een intensivering van het leesbevorderingsbeleid in de volle breedte in de rede liggen.”

Stichting Lezen onderschrijft deze aanbeveling die ook steun vindt in andere recente onderzoeken. Zo gaan Nederlandse kinderen minder vaak lezen als ze de overstap maken van het basis- naar het voortgezet onderwijs. Zowel basis- als middelbare scholieren vinden lezen bovendien minder leuk dan leeftijdsgenoten uit andere landen.

Leesbevordering kan deze negatieve spiraal helpen tegengaan. Educatieve programma's die aandacht besteden aan een goede boekencollectie op school en aandacht voor voorlezen en vrij lezen in de klas, blijken effectieve middelen om het leesplezier en de leesvaardigheid te vergroten. Vooral de leesvaardigheid van middelbare scholieren gaat dankzij dergelijke interventies vooruit, zo blijkt uit een meta-analyse van 88 wetenschappelijke onderzoeken.

Reden om nog gerichter in te zetten op leesbevordering onder deze doelgroep. Stichting Lezen roept de overheid op om dit de komende jaren te doen, door continuering en intensivering van Tel mee met Taal. Dit is het actieprogramma om laaggeletterdheid te voorkomen en te bestrijden. Op dit moment worden er binnen Tel mee met Taal met de leesbevorderingsprogramma’s BoekStart en de Bibliotheek op school in totaal 750.000 kinderen tussen de 0 en 12 jaar bereikt.

Over Stichting Lezen
Stichting Lezen is het kenniscentrum voor leesbevordering en literatuureducatie. Een van de taken die het in opdracht van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap vervult, is het verzamelen van wetenschappelijke kennis naar het lezen. Daarnaast is Stichting Lezen initiatiefnemer, financier en organisator van tal van programma's en campagnes om het leesplezier onder de jeugd te stimuleren.

Noot voor de redactie:
voor meer informatie over dit persbericht kunt u contact opnemen met Stichting Lezen:
Communicatie, Desirée van der Zander, telefoon: 020 – 623 05 66/06 41 42 02 84 of
Niels Bakker, Onderzoekmedewerker, telefoon 020 – 623 05 66 / 06 42 22 81 48

Voor meer informatie over Stichting Lezen, zie www.lezen.nl
Voor meer (recent) leesonderzoek, zie www.leesmonitor.nu
Voor het onderzoeksrapport Lees:Tijd. Lezen in Nederland, zie SCP'

Dit ondersteun ik natuurlijk van harte.
Het is wel openhartig, dit persbericht, want uit dat onderzoek door het SCP, dat inmiddels ook in diverse dagbladen is besproken en ook door Nelleke Noordervliet in een zeer somber stukje in Trouw 26-1-2018 werd genoemd, blijkt dat alle leesbevorderingsactiviteiten tot nu toe kennelijk niet voldoende resultaat hebben. Met name in het voortgezet onderwijs kan nog wel iets verbeterd worden...
Zie ook dit persbericht...


vrijdag 26 januari 2018

Gedichtendag

De Poëzieweek ging op 25 januari 2018 van start met Gedichtendag. Poëzieliefhebbers uit heel Nederland en Vlaanderen passen gedichten toe in het leven van alledag. Voor collega’s of vrienden, on- en offline.



Over gedichtendag:
Met Gedichtendag gaat op de laatste donderdag van januari traditiegetrouw de Poëzieweek van start. Gedichtendag, sinds 2000 georganiseerd door Poetry International Rotterdam, is hét poëziefeest van Nederland en Vlaanderen.  Poëzieliefhebbers in Nederland en Vlaanderen organiseren die dag een grote diversiteit aan eigen poëzieactiviteiten en ook de media klinken die dag een stuk poëtischer.

Zie ook hier.

dichten doe ik overdag
tijdens de les in het lokaal
mijn schrift vol fantasie

dichten doe ik 's avonds laat
wanneer ik slapen moet
mijn kussen gevuld met woorden

- Fragment 'Dichten', Laïs Bentall, Doe Maar Dicht Maar 2016.

Binnenkort recensie van twee nummers Dichter.

donderdag 25 januari 2018

Miep Diekmann Prijs

Reizen en dit blog onderhouden gaat in praktijk niet goed samen, bleek afgelopen weken maar eens weer. Lieve lezer, welkom in 2018, nog een gelukkig en voorspoedig jaar toegewenst.

Voor de gelegenheid reproduceer ik hier een persbericht, omdat de publiciteit die deze prijs krijgt te wensen overlaat en ik aandacht voor jeugdliteratuur graag wil bevorderen.

De Miep Diekmann thesis prijs 2018 gaat naar Danique Roestenburg voor haar thesis Publieke intellectuelen in de jeugdliteratuur: een fictie? Jeugdauteurs in de rol van publieke intellectueel. De casus van Ted van Lieshout (master jeugdliteratuur Tilburg University).

Naast de prijs kent de jury één eervolle vermelding toe aan Sabine Steels wegens Ethiek en life writing in jeugdliteratuur. Bouwstenen voor ethisch verantwoorde levensverhalen over trauma en de toepassing ervan op de Slashreeks voor jongeren (master jeugdliteratuur Tilburg University).

De Miep Diekmann prijs voor jeugdliterair onderzoek wordt tweejaarlijks uitgereikt aan de auteur(s) van de beste Nederlands- of Engelstalige masterthesis op het gebied van de studie van de kinder- en jeugdliteratuur. Onderwerpen kunnen zowel literatuurtheoretisch als -historisch van aard zijn. Onderzoek expliciet naar leesvaardigheid,  functies van lezen, leesattitude of lezen in relatie tot audio-visuele en/of digitale media komt niet in aanmerking voor deze prijs. De prijs is één van de activiteiten van IBBY-Nederland om meer aandacht te schenken aan de wetenschappelijke bestudering van de kinder- en jeugdliteratuur. Zij is vernoemd naar Miep Diekmann, die al vroeg het belang van wetenschappelijk onderzoek over kinder- en jeugdliteratuur aan de orde stelde en daarvoor een warm pleidooi in de media hield.

De jury bestond uit: Sandra van Voorst, Janneke van der Veer en Marloes Schrijvers.

De oorkondes behorende bij de prijs en eervolle vermelding zullen uitgereikt worden tijdens de IBBY-studiemiddag op vrijdag 16 maart in de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag.

De Miep Diekmann prijs voor jeugdliterair onderzoek bedraagt € 750-. Naast het toekennen van de prijs, zijn twee eervolle vermeldingen (€ 250,-) mogelijk. Gestreefd wordt naar het publiceren van een artikel n.a.v. de bekroonde thesis in de publicatiereeks over de studie van de kinder- en jeugdliteratuur Literatuur zonder leeftijd.

Waarvan akte. De aan vooral Duits vakjargon ontleende tautologie kinder- en jeugdliteratuur vergeef ik ze graag. Wie Miep Diekmann was, hoef ik niet uit te leggen. Verder blijkt uit de bekroning hoe belangrijk de masterstudie jeugdliteratuur van de Tilburgse universiteit is.
De links naar de bekroonden heb ik aangebracht.

Zie voor recensies van Literatuur zonder leeftijd in dit blog o.a. hier, hier of bekijk de pagina Recensies in Over lezen en schrijven. De recensie van de winteraflevering komt nog.